Zuster, hoor eens..

Zuster, hoor eens

Zie me niet als een verwarde,
achterdochtige persoon
en benader mij beslist niet
op betuttelende toon.
Noem me daarom dus geen ‘lieverd’,
doe niet of je me goed kent.
Ik ben net een mens als jij hoor,
ook al noem je mij ‘dement’.

Ik ben oud en ook volwassen,
gebruik dus geen babytaal.
Vriend’ lijk zijn vind ik geweldig,
maar praat met mij heel normaal.
Ook al raak je soms vertederd,
ook al ben je me soms zat,
ook al vind je me wel aardig,
dan ben ik nog niet jouw ‘schat’.

‘k Ben van zorg helaas afhank’ lijk
en dat doet me best veel pijn.
Desondanks ben ik jou dankbaar,
dat je er voor mij wil zijn.
Bouw aan wederzijds vertrouwen,
ook al maak ik soms misbaar.
Praat daarbij met mij respectvol,
gelijkwaardig aan elkaar.

© Hans Cieremans

Schuldgevoel

Schuldgevoel

Het schuldgevoel
blijft aan me knagen.
Jij loopt continu,
mijn aandacht te vragen.
Ik kan geen stap zetten,
ik moet op je letten.
Ik kan er niet tegen,
’t grijpt mij naar de keel.
Ik wil je wel helpen,
maar ’t wordt soms te veel.
Dan word ik boos,
word ik ongeduldig.
En als jij dan huilt,
dan voel ik me schuldig.

Ze zijn goed bedoeld
alle adviezen.
toch dreig ‘k steeds vaker
de moed te verliezen.
’t Is zo tegenstrijdig,
waarom word ik nijdig?
Is het mijn onmacht,
ben ik te moe?
Is het de vraag:
‘Waar gaat dit naartoe?’
Ik zou zo graag willen
om alles te geven.
Maar ik heb toch ook
een eigen leven?

Is ’t egoïstisch
om dat te denken?
Die vraag druk ik weg,
‘k bedien op je wenken.
Ik doe wat je zegt,
mijn lach is niet echt.
Soms wil ik vluchten,
kan ik het niet aan.
Dan houd jij me tegen,
je laat me niet gaan.
Langzaam maar zeker
laat ik de moed zakken.
Kan ik het ooit weer;
‘Mijn leven oppakken?’

Je schuldig voelen
kost veel waterlanders,
maar echt schuldig zijn,
is heel wat anders.

© Hans Cieremans

 

Als ik mezelf niet meer ben.

Als ik mezelf niet meer ben

Als mijn geheugen het eens af laat weten
en ik mezelf niet meer ben.
Als ik gekweld word door angstig vergeten,
als ik jou niet meer herken.
Als ik niet meer uit mijn woorden kan komen,
als ik soms plas in mijn broek.
Als dementie levenszin heeft ontnomen,
kom dan bij mij op bezoek.

Breng dan wat kleur in mijn leven,
ook al weet ik niet meer wie je bent.
Vergeet me dan niet en troost me heel even,
geef me soms nog zo’n kostbaar moment.

Als ik niet weet hoe ik mij aan moet kleden,
ben ik de weg kwijt geraakt.
Als ik geen toekomst meer zie in het heden,
als tijd het verschil niet meer maakt.
Als mijn gedachten in mist gaan verdwijnen,
herinn’ ring in nevelen hult.
Als ik dan huil, leg jouw hand in de mijne,
leid mij naar het licht, met geduld.

Breng dan wat kleur in mijn leven,
ook al weet ik niet meer wie je bent.
Vergeet me dan niet en troost me heel even,
geef me soms nog zo’n kostbaar moment.

Als op een dag de mist op zal trekken,
laat me dan los, laat me gaan.
Ik ga dan op reis, een nieuw leven ontdekken,
een reis naar een eeuwig bestaan.
Maar blijf tot die dag, dat de mist wordt verdreven,
bereid saam de reis met me voor.
De reis van vertrouwen in ‘t eeuwige leven
waar ik bazuingeschal hoor

Maar blijf tot die tijd in mijn leven,
ook al weet ik niet meer wie je bent.
Vergeet me dan niet en troost me heel even,
geef me soms nog zo’n kostbaar moment.

© Hans Cieremans